Je bent allebei ondernemer, afhankelijk van elkaar. Je kent elkaar niet, maar deelt een passie. Een passie voor goed en gezond voedsel. De hoogste tijd om eens kennis te maken. Met het aspergeseizoen voor de deur, wil horecaman Coen van der Zanden van pannenkoekenhuis De Dorpsherberg in Ospel wel eens weten hoe dat zit tussen boeren, asperges en die bijzondere passie voor het vak.

Een gesprek tussen de jonge aspergeteler Bob van Nieuwenhoven uit Nederweert-Eind en Coen Van der Zanden.

Coen: Wij zijn een interessante combinatie. Jij bent een volkomen vreemde voor mij, maar we hebben één grote gemeenschappelijk deler: onze passie voor asperges.
Bob: “Asperges zijn bijzonder. Het is geen product dat de meeste mensen in één adem noemen met aardappelen, groenten en vlees. De kunst is nu om het bijzonder te houden. Het heet tenslotte niet voor niets het witte goud.”

Geen gemakkelijke opgave. Zo was bijvoorbeeld de Beaujolais Primeur ooit seizoengebonden, maar die scheidslijn vervaagt. Asperges zijn in mijn ogen nog één van de laatst overgebleven, seizoensgebonden producten.
“Ben ik met je eens. Dat komt voornamelijk doordat je het proeft als je asperges buiten het seizoen eet. De manier van telen vraagt vakmanschap. Eerst moeten de asperges worden gezaaid. Pas na drie jaar kunnen de planten worden overgebracht naar een aspergebed. De verzorging van de bedden kost daarna ook nog veel tijd. Bovendien duurt het vervolgens nog een paar jaar voordat de eerste asperges kunnen worden geoogst. Er gaan dus vele jaren overheen, voordat je aspergebedden iets opleveren.”

Waarom kies je er dan voor om in deze tijd nog boer te worden?
“Je levert continu kwaliteitsproducten waarbij je moet vechten voor een goede prijs. En die vechtersmentaliteit past mij wel. Maar het eigen baas zijn en daarmee de volledige verantwoordelijkheid dragen voor je eigen kwaliteitsproduct, dat is ook een kick. Alleen het beste is dan goed genoeg en daar ga je dan ook vol voor. Het zijn voor mij grote voordelen van het vak.”

Zo groot dat je op termijn het gemengde bedrijf van je ouders wilt overnemen?
“Inderdaad. Maar het lijkt me ook wel een leuke periode met evenwel uitdagingen. Mijn ouders zijn mijn grote voorbeeld. Tegelijkertijd ontplooi ik meer en meer mijn eigen ideeën en nu is de hamvraag hoe ik dat ga combineren. Met andere woorden, hoe haal ik het beste uit de jarenlange ervaring van mijn ouders en hoe breng ik ook mijn kennis en ervaring in?”

Dat gevoel herken ik wel. Na zeventien jaar samenwerken met mijn ouders, sta ik sinds twee jaar echt op eigen benen.
“Maar dan blijft de vraag hoe je het goede behoudt en toch ruimte overhoudt om een en ander nog efficiënter en effectiever te maken?”

Is een melkrobot voor jou dan geen optie? Je hoeft dan niet te melken, waardoor je die tijd op het aspergeveld, tussen de koeien en kippen kunt doorbrengen.
“Op dit moment is dat nog niet aan de orde, omdat onze huidige techniek nog volstaat. In de toekomst is dit wel het overwegen waard. Een overweging tussen investering en rendabiliteit: zowel op het gebied van euro’s als tijd.”

Geen eenvoudige keuzes. Heb je ooit een moment van twijfel gehad?
“Geen seconde.”

Dat is een resoluut antwoord. Zelf heb ik wel zo’n moment gehad. Ik wilde even niets met de horeca en de onmogelijke werktijden te maken hebben. Tot grote spijt van mijn ouders.
“En toen?”

Bloed kruipt waar het niet gaan kan en de passie overheerst.
“Passie voor het vak betekent voor mij alles geven voor wat je wilt bereiken: op een juiste manier energie en gevoel combineren, zodat je je streven behaalt.”

Voor mij is passie het enthousiasme om iets uit te dragen.
“Waar word jij dan helemaal enthousiast van?”

Speciaalbieren en het werken met streekproducten. De ontwikkeling en bereiding hiervan daagt me uit creatief te zijn.
“Over creatief zijn gesproken, hoe zorg jij voor balans tussen privé en werk? Zowel het werk in de horeca als in de agrarische sector houdt niet op met acht uur werken. Het is een continu proces, waarbij je kwaliteit moet leveren.”

Dat is een groot gevecht. Zeker met een jong gezin, maar wel ontzettend belangrijk.
“Zelf ben ik actief bij carnavalsvereniging De Prulle-Joekels en ben ik er bij als Festeynder in Nederweert-Eind wordt georganiseerd. Daarnaast ga ik regelmatig uit in discotheek Palladio in Helden. En onderneem ik graag leuke dingen met mijn vriendin Linda.

Maar als je nu tussen het meisje en de zaak moet kiezen?
“Als het goed is hoef ik niet te kiezen. Met het aanbrengen van structuur op het bedrijf, kan ik mijn aandacht voor beide op een goede manier verdelen. Aan de andere kant, je kunt zoveel structuur aanbrengen als je wilt, maar soms loopt het niet zoals gepland en dan moet je andere keuzes maken. Een koe kalft bijvoorbeeld niet op commando. Dan is het wel belangrijk om goed met mijn vriendin hierover te communiceren.”

Die onvoorspelbaarheid zie ik ook terug in De Dorpsherberg. Soms is het keuzes maken: ook ik ga voor kwaliteit en als dat in het gedrang komt vanwege onverwachte drukte, dan kies ik ervoor om eerlijk te zijn tegen de mensen. Ik neem de reservering dan niet meer aan.
“Die mensen komen vast graag terug om die overheerlijke asperges te proeven”.

Haha, ze krijgen in ieder geval dubbel zoveel passie voor hun geld: je proeft de zorg van de boer voor zijn product en de finishing touch van mij als horecaman.
“Trouwens, het woord boer vind ik niet meer van deze tijd. Het is aardig ouderwets.

Hoezo?
“De eerste associatie die ik heb, zijn een riek en klompen, maar dat geeft een vertekend beeld van de huidige situatie, waarin bijvoorbeeld innovaties en dierwelzijn de boventoon voeren. Daarbij heeft het woord boer de afgelopen jaren ook een negatieve associatie gekregen. Voorbeeld hiervan is de uitdrukking ‘lompe boer’.”

Opnieuw een overeenkomst tussen onze werelden! Als iemand je pannenkoek noemt, dan is dat meestal ook niet erg positief.

Coen en Bob
Coen (40) heeft in 2013 De Dorpsherberg van zijn ouders overgenomen. Het koken laat hij aan zijn medewerkers over, maar hij adviseert graag over een begeleidend biertje bij de maaltijd. Als het past, beveelt hij zijn eigen gebrouwen Doospels Dubbel aan. Hij is getrouwd met Anne en heeft twee kinderen: Bente (4,5) en Marijn van 9 maanden.

Bob (21) zit met zijn ouders Frans en Angela in een vof. Ze telen asperges en hebben melkkoeien en kippen. Hij hoopt het bedrijf op termijn over te nemen, maar bovenaan zijn prioriteitenlijstje staat het afronden van zijn opleiding Melkveehouderij op het Citaverde College in Horst. Zijn vrije tijd besteedt hij onder meer aan het verenigingsleven en uitgaan.